Nederlandse schrijvers in China: een open boek of een boekje open?
Met Nederland als gastland op de Boekenbeurs van Beijing is de vrijheid van meningsuiting in China een binnenlandse discussie geworden. Het zijn immers Nederlandse schrijvers en uitgevers die daar een speciaal podium krijgen. Sommige schrijvers vragen zich inmiddels af wat hun rol wordt in een land waar hun collega’s jarenlange celstraffen krijgen vanwege publicaties die de Chinese autoriteiten niet bevallen. In een land waar de censuur, die al ongeëvenaarde proporties had aangenomen, toch steeds weer een beetje strenger blijkt te kunnen worden. Een land dat overigens ook Nederlandse boeken censureert, of niet op de markt brengt omdat de autoriteiten de inhoud niet bevalt. Een land met een regering die er niet voor terugschrok de Frankfurter Buchmesse onder druk te zetten omdat de organisatie een paar kritische Chinese schrijvers had uitgenodigd. De wereldwijd bewonerde ateur Liao Yiwu mocht voor die Boekenbeurs China niet verlaten, en kreeg deze week opnieuw een reisverbod voor een internationaal literatuurfestival in New York. Salman Rushdie was razend over dit optreden van de Chinese regering en noemde het ‘censorship overseas.’
Ons gastlandschap draagt de titel ‘Open landschap, open boek’, en directeur Pröpper van het Letterenfonds voegt daar graag ‘open dialoog’ aan toe. Hij wil in China aandacht vragen voor de positie van kunstenaars en schrijvers, en zet in op uitwisseling met weldenkende Chinezen. Daar heb je in dat land twee soorten van: in de gevangenis en daarbuiten. Dictaturen houden nu eenmaal niet van kritiek, en schrijvers hebben daar toch vaak een handje van. Er zitten nu auteurs tien tot twaalf jaar opgesloten op grond van niets anders dan het op vreedzame wijze uiten van hun mening. Buiten de gevangenis hanteren de autoriteiten voor critici soms iets subtielere methoden: van iemand voor ‘een kop thee’ uitnodigen op het politiebureau, het intrekken van vergunningen (van advocaten, bijvoorbeeld) tot het afsluiten van de elektriciteit van hun huis, maar vaker gaat het om de minder subtiele vormen van mishandeling, maandenlang huisarrest of verdwijning.
Ook in de jaren die aan deze beurs vooraf gingen werden kritische schrijvers opgepakt. De huidige golf van arrestaties, intimidaties en vermissingen waarvan schrijvers, journalisten, advocaten en activisten het slachtoffer worden is een heftige, maar geen uitzondering. Was het maar waar dat de huidige repressie van voorbijgaande aard is, zoals Pröpper volgens VN denkt. Er is de afgelopen jaren in China weinig gebeurd dat aanleiding geeft voor dergelijk optimisme. Integendeel. De opstelling van de Chinese leiders is eerder verhard dan dat er tekenen van grotere openheid zijn.
Wie protesteert er nu in Nederland tegen deze openlijke en schaamteloze schendingen van mensenrechten? De arrestatie van kunstenaar Ai Wei Wei kreeg wel veel aandacht in onze media, maar in kringen van de Nederlandse kunst en cultuur bleef het, in tegenstelling tot grote acties in het buitenland, stil. Het idee heeft hier blijkbaar postgevat dat protesten ‘gratuit’ zijn. Niets is minder waar. Grote internationale druk kan wel degelijk het verschil uitmaken. Amnesty International heeft daar inmiddels bijna vijftig jaar ervaring mee, dus geloof ons nou maar.
Amnesty International en PEN hebben dan ook 400 Nederlandse schrijvers gevraagd in actie te komen voor hun Chinese collega’s. We kregen fantastische, positieve reacties van een aantal auteurs, onder wie Renate Dorrestein, Arthur Japin, Yvonne Kroonenberg, Tommy Wierenga en René Appel. Ook Dichter des Vaderlands en schrijver Ramsey Nasr , die zelf is uitgenodigd om dit najaar naar de Boekenbeurs in Beijing af te reizen, heeft laten weten mee te doen. In de Volkskrant van 22 april zegt hij dat schrijvers zich moeten engageren, en dat hij ervoor wil waken speelbal van de dictatuur te worden. De discussie is nu losgebrand, en dat is in ieder geval een hele mooie start van deze campagne.
Natuurlijk heeft het Letterenfonds gelijk: Een open dialoog is altijd welkom, en Amnesty zal daar ook graag suggesties voor doen, maar de vraag is natuurlijk of onze schrijvers straks wel een dialoog aan kunnen gaan met de mensen die wij zouden aandragen, laat staan open. En vinden we zo’n dialoog voldoende? Nederlanders willen altijd graag een open boek zijn. Maar wanneer doen we ook een boekje open over wat er met Chinese schrijvers gebeurt?
Meer info op onze campagnepagina ‘Steun de vervolgde schrijvers in China’

Hallo Nicole,
Ik heb de Chinese Minister van Buitenlandse Zaken een e-mail gezonden en China gefeliciteerd met het feit dat een Chinese schrijver de Nobelprijs won in 2010 en dat dat voor China veel positieve kansen bood als het gaat over Mensenrechten!