Solidariteit bij Budapest Pride
Op 18 juni werd in de Hongaarse hoofdstad voor de zestiende keer de Budapest Pride gehouden. Sinds drie jaar steunt Amnesty deze oudste pride van Oost-Europa.
Op het eerste gezicht lijkt het misschien wat vreemd, Amnesty doet mee aan een LGBT-parade (LGBT staat voor Lesbian, Gay, Bisexual,Transgenderin een land waar al sinds 1997 gayprides gehouden mogen worden. In tegenstelling tot de meeste buurlanden worden LGBT’ers in Hongarije juist wel getolereerd. In 2009 is er zelfs een beperkte vorm van geregistreerd partnerschap ingesteld voor stellen van hetzelfde geslacht. Waarom is het dan nog nodig voor een organisatie als Amnesty om hier te strijden voor LGBT-rechten?
Desondanks staan ook in Hongarije de rechten van LGBT’ers nog altijd onder druk. In februari probeerde de politie van Boedapest nog een parade te verbieden omdat deze volgens hen ‘verkeersproblemen’ zou veroorzaken. Door actie van onder andere Amnesty is dit toen voorkomen. Ook is dit jaar een nieuwe grondwet in werking getreden waarin geen verbod op discriminatie op grond van seksuele geaardheid is opgenomen. In deze grondwet is het huwelijk daarnaast expliciet gedefinieerd als een verbintenis tussen man en vrouw. De Budapest Pride probeert een weg te banen naar meer LGBT-rechten in Hongarije.
Gemengde gevoelens
Jarenlang is de Pride vreedzaam verlopen, maar sinds 2007 proberen gewelddadige tegenstanders het evenement te verstoren. Er zijn in de afgelopen jaren verschillende deelnemers in elkaar geslagen en in 2008 is er een Hongaarse parlementariër verwond tijdens zijn bezoek aan de Pride.
Marieke Rodenburg en ondergetekende zijn samen met activisten van negentien verschillende Amnesty-secties op de Budapest Pride van dit jaar afgekomen om mee te strijden voor de LGBT-rechten. Samen met de kleine, maar zeer actieve Hongaarse sectie was Amnesty dit jaar prominent aanwezig.
Voorafgaand aan de Pride verzamelden de verschillende Amnesty-afdelingen zich voor een veiligheidsbijeenkomst. Het zou dit jaar namelijk zomaar weer uit de hand kunnen lopen door protesten van tegenstanders. Met gemengde gevoelens begaven de activisten zich naar het plein waar gestart zou worden. De start werd officieel ingeluid met een toespraak onder andere Stuart Milk, niemand minder dan de neef van de bekende Amerikaanse LGBT-activist en politicus Harvey Milk. De sfeer was vervolgens net zo feestelijk als de Amsterdamse grachtenparade: feestelijke muziek, vrolijke kleuren en dansende mensen die hun vrijheid vieren.
Teken van hoop
Toeschouwers bekeken het spektakel nieuwsgierig. De meesten ontvingen de Pride-gangers vriendelijk: sommigen dansten zelfs mee en velen zwaaiden naar de boten. Tussen al die toeschouwers vielen twee meisjes van een jaar of vijf die zwaaiden extra op, een ontroerend moment. Deze twee jonge kinderen die zich zo onbezonnen open opstelden naar de Pride-gangers toe, dat was als een teken van hoop voor een verdraagzamere toekomst.
Maar er waren helaas ook tegenstanders. Zo liet een oudere vrouw weten dat ‘men dat soort perversiteit voor zichzelf moest houden’. Zij was niet de enige die het niet eens was met de festiviteiten. Op een groot plein langs de route wachtten enkele honderden tegendemonstranten. Een aantal feestgangers en activisten moest van de politie een zijstraat in om de tegendemonstranten te ontwijken. Hoe intimiderend dit ook was, het gaf vooral een gevoel van strijdlust.
Door deze polarisatie tussen voor- en tegenstanders van rechten voor LGBT’ers en door de onwil van de regering blijkt dat Hongarije nog een lange weg te gaan heeft. Tot die tijd blijft Amnesty prides in de regio steunen.
Brendan Monaghan
LGBT-medewerker bij Amnesty International
