Goodbye Kabul
De enige internationale operatie die in Afghanistan sneller gaat dan gepland is de uitvoering van de exitstrategie. Iedereen lijkt wat eerder weg te willen, als van een feestje dat nooit helemaal op gang kwam. ’t Liefst ook stilletjes, zonder militaire kapel. Het Afghaanse leger, de Afghaanse politie en eigenlijk de hele Afghaanse overheid schijnen, na jaren van geklungel, gestuntel en gerommel, tegenwoordig met de dag competenter te worden en ’t zeer binnenkort allemaal alleen af te kunnen. Nou ja, hooguit blijven er na 2014 wat internationale adviseurs.
Dat is interessant want er vallen bij het geweld in Afghanistan jaarlijks nog duizenden slachtoffers. Honderdduizenden zijn nog steeds binnenlands ontheemd en meer dan twee miljoen Afghanen leven nog als vluchteling elders.
Op de jaarlijkse corruptie-index van Transparancy International bungelt Afghanistan consequent onderaan. In de vrijhedenindex van Liberty House scoort Afghanistan al sinds 2009 jaarlijks even consequent een 6 (Not Free). Op die index is 7 de slechtst haalbare score. Dus is Afghanistan in de afgelopen tijd toch een beetje vooruit gegaan? Helaas, in 2008 scoorde het een 5, dus beter dan de afgelopen vier jaar.
Bij de parlementsverkiezingen in 2010 en bij de presidentsverkiezingen een jaar eerder werden massa’s stemmen ongeldig verklaard. In beide gevallen was dat mogelijk zo’n slordige 20% van de uitgebrachte stemmen. Ik houd een slag om de arm, want weinig verkiezingscijfers zijn zeker; zelfs het aantal geregistreerde kiezers en de opkomstpercentages werden betwist. Negen jaar na de Amerikaanse inval was Afghanistan dus nog een wat rommelige democratie, op z’n zachtst gezegd. We moeten vast geloven dat, terwijl de internationale gemeenschap z’n biezen pakt, de presidentsverkiezingen in 2014 wel goed zullen verlopen en in 2015 de parlementsverkiezingen met war lords en andere onkreukbare kandidaten nog eerlijker.
Volgens een scorekaart van Amnesty International uit 2011 liet de bescherming en bevordering van mensenrechten in Afghanistan voornamelijk stagnatie zien. Begin dit jaar meldde UNAMA, de VN-operatie ter plekke, dat in de periode tussen oktober 2011 en oktober 2012 foltering nog veelvuldig voorkwam in Afghaanse detentiecentra en dat het aannemelijk is dat meer dan 30% van de gevangenen die door de internationale troepen worden overgedragen aan Afghaanse autoriteiten vervolgens onderworpen wordt aan foltering. Er bestaat een vergelijkbaar UNAMA-rapport over de periode tussen oktober 2010 en oktober 2011. De afgelopen twee jaar schortte ISAF-troepen meer dan eens gevangenenoverdracht aan nationale autoriteiten op wegens foltergevaar.
Tot zo ver een snapshot van meer dan tien jaar democratiebevordering en rechtsstaatopbouw in Afghanistan.
Toch is voor de internationale gemeenschap de tijd gekomen om te vertrekken. Ook Nederland houdt de politietrainingsmissie in Kunduz iets eerder voor gezien dan eerder was voorzien. Dat komt omdat het Duitse leger wat eerder weggaat en dat leger zorgt voor de veiligheid van de Nederlandse trainers. Trainen onder lokale bescherming valt blijkbaar niet aan te raden. Zo competent is het Afghaanse staatsapparaat nou ook weer niet.
Ondertussen blijven de berichten aanhouden dat het gewapende Afghaanse verzet steun krijgt vanuit en bases heeft in Pakistan. Waarom Pakistan dat toelaat? De aartsrivaal van Pakistan, buurland India, steunt de Afghaanse regering. Links en rechts op de wereldkaart meent Pakistan dus vijanden te hebben, terwijl de oude bondgenoot VS het tegenwoordig goed kan vinden met India. Vanuit Pakistans perspectief tijd voor een potje destabiliseren. Onderwijl blijft de VS ook Pakistan militair wat steunen, om te zorgen dat Pakistaanse hulp aan de Taliban of andere gewapende oppositiegroepen in Afghanistan niet de spuigaten uitloopt. Dus vragen sommige Afghanen zich af aan welke kant de VS nu eigenlijk staat, aan die van president Karzai of aan de kant van zijn gewapende uitdagers? De president zelf schijnt een dezer dagen bij het eerste bezoek van de nieuwe Amerikaanse minister van Defensie Chuck Hagel gezegd te hebben dat de Taliban en de VS beide zijn land destabiliseren.
Het Afghaanse leger moet straks de veiligheid garanderen waar de NAVO daar niet of maar nauwelijks in slaagde. En als ik militair historicus Fred Kagan mag geloven moet het Afghaanse leger dat na 2014 doen zonder tanks, gevechtshelikopters en gevechtsvliegtuigen. Zou dat lukken?
Het is met de veiligheid, de democratie, de rechtsstaat en de mensenrechten niet veel geworden in Afghanistan. Althans, daar heeft het toch wel heel veel schijn van. Het valt te hopen dat regeringen en parlementen, ook in Nederland, de komende jaren precies willen weten hoe dit zit en lessen willen leren uit tien jaar oorlog en/of rechtsstaatopbouw met ogenschijnlijk weinig resultaat en heel veel menselijke, materiële en politieke schade. Deze maand dertig jaar geleden startte in Den Haag om heel wat minder een parlementaire enquête: de neergang van een gesubsidieerde scheepswerf.
Maar misschien is het politiek niet opportuun om nog langer bij deze lange oorlog stil te staan. En kijken we bij het verlaten van Afghanistan straks allemaal alleen vooruit. Niet omdat dat verstandig is, maar omdat achteruit kijken zo vreselijk pijnlijk is. Goodbye Kabul. ’t Ga jullie goed, maar die kans is niet groot.

Reacties